Jaep de Jong

Jaep de Jong – Oare plakken Fersen (1985)

Een fraaie tekening van Pieter van Paridon siert deze bundel met 19 gedichten van de in Amsterdam wonende Friese dichter Jaep de Jong. In enkele gedichten wordt op de expressionistische manier uit de twintiger jaren gespeeld met de typografie. Dat doet achterhaald aan, vooral als het dan ook nog, net als vaak bij Van Ostayen, over de stad gaat. Slechts in ‘Fabryks ballade’ vind ik het spel met de typografie geslaagd. De ‘gewone’ gedichten spreken mij wat meer aan. Die gaan over de berusting in een voorbije jeugd en over eenzaamheid en onbegrip in onze moderne tijd. Vooral de gedichten over een clochard die ‘buitengesloten in de open cel van straten en stegen’ zijn heil in de drank zoekt, en over een meisje dat de weg vraagt naar de ‘magic bus’ van Amsterdam naar Pakistan zijn beklemmend. Geen echt nieuw geluid of hoogstaande poeuml;zie, maar een bundel waarmee De Jong zich naar mijn idee midden in het algemeen klassement van Friese po√ęten nestelt.